Theater voor Keti Koti en Tula’s monoloog

Theater voor Keti Koti verbindt alle activiteiten in het land met een gezamenlijk missiemoment: een kort stil staan bij het slavernijverleden. In deze twee minuten wordt de monoloog van Tula, de vrijheidsstrijder van Curaçao, gelezen voorgedragen of gespeeld. Dit gaat vooraf aan iedere voorstelling of begin van het programma. Ook kan de door Theater voor Keti Koti geproduceerde film waarin deze monoloog wordt gespeeld, worden gedraaid. Zo krijgt Theater voor Keti Koti in al zijn verscheidenheid, een eigen gezicht.

Universele menselijke waarden

Voor een monoloog van Tula is gekozen omdat zijn uitspraken nog steeds inspirerend zijn en zeggingskracht hebben, en uiting geven aan universele menselijke waarden. Daarnaast wil Theater voor Keti Koti via Tula de Antilliaanse en Surinaamse gemeenschappen meer verbinden in het belang van de plechtigheid van 1 juli. Namelijk: vergroten van de bewustwording in de Nederlandse samenleving van de keerzijde van de koloniale en slavernijgeschiedenis. Ook het aanbiedingsstuk Kraspoekol dat de slavernij in Indië belicht, draagt hieraan bij. De slavernij die door de Hollanders omwille van winstbejag werd uitgevonden en steeds verder werd ‘geperfectioneerd’, is in de Oost en in de West immers op talloze manieren met elkaar verbonden.

 

Tula, vrijheidsstrijder van Curaçao

Tula werkte als slaaf op plantage Kenepa (Knip) in het westen van Curaçao (Westpunt). Het is niet bekend waar hij is geboren. Ook weten we niets van zijn persoonlijk leven, of hij vrouw en kinderen had. Totslaafgemaakten mochten immers geen gezin stichten.

Tula verzette zich tegen de erbarmelijke en onrechtvaardige omstandigheden op de plantage. Hij was op de hoogte van de situatie in San Domingo, waar de Franse generaal Rigaud de slaven in een opstand had gesteund. Tula was van mening dat de slaven op Curaçao recht hadden op hun vrijheid, omdat de Fransen de slavernij tijdens de revolutie in 1794 hadden afgeschaft. In Nederland was ten tijde van de opstand inmiddels de Franse Tijd aangebroken en Tula vond daarom dat alle slaven op Curaçao het recht hadden de ketenen van zich af te werpen.

 

In een bezoek van de Nederlands pater Schink aan Tula, bedoeld om hem ervan te overtuigen zich over te geven, toont Tula zijn inzichten en welbespraaktheid. Omdat Holland onder de heerschappij van Frankrijk valt moeten de Franse wetten ook op Curaçao gelden, zegt hij, en put uit de bijbel: ‘komen wij dan niet allen voort uit Adam en Eva?’

Afschrikwekkend voorbeeld

De slavenopstand werd bloedig neergeslagen. Tula wist zich enige tijd in de wildernis te verschuilen, maar werd uiteindelijk, nadat er een forse premie op zijn hoofd was gezet gevangengenomen door een mede-slaaf en overgeleverd aan zijn eigenaar. Deze vervoerde hem naar Willemstad waar meer slaven die deel hadden genomen aan de opstand gevangen werden gehouden. Enkele tientallen slaven werden vervolgens ter dood veroordeeld. Sommigen werden na geseling overgeleverd aan hun eigenaar. Slavenleider Tula werd op 2 oktober 1795 gruwelijk gestraft en gedood. Hij werd onder meer van onderen geradbraakt en onthoofd. Zijn hoofd werd hierna op een spies gezet, als afschrikwekkend voorbeeld voor de andere slaven.

Gerehabiliteerde held

Het verhaal van Tula is lang verborgen geweest. In 1974 verscheen een bronnenuitgave van de originele overheidsdocumenten over de slavenopstand van 1795. Dit was de aanzet tot rehabilitatie, die culmineerde in de benoeming van Tula tot nationale held van Curaçao in 2010. Tula is uiteindelijk het symbool geworden tegen de slavernij op Curaçao. Hij en zijn medestrijders hebben hun verzet met een gruwelijke dood moeten bekopen. Maar de opstand leidde wel tot minder wrede omstandigheden. De Nederlandse autoriteiten troffen in een nieuw slavenreglement van 20 november 1795 bepalingen voor een menswaardiger behandeling van de slaven, uit vrees voor nieuwe opstanden. Maar vooral markeert de opstand van 1795 het begin van de vrijheidsstrijd van slaven op Curaçao. De slavernij werd door Nederland echter pas 68 jaar later, op 1 juli 1863, afgeschaft.